donderdag 12 februari 2015

Hoezo gewoon?

U vindt het vandaag een gewone grijze dag? U bent gewoon opgestaan en hebt gekeken naar een grijze lucht en hebt gedacht: "Wat gaat dat worden, vandaag?" Mijn jongste dochter, stelde de volgende vraag, toen zij nog maar 10 jaar oud was: "Mama, waarom is het nou altijd vandaag?"  Die vraag is niet zo eenvoudig te beantwoorden als het lijkt. Ik kende de uitdrukking: "De vraag stellen is haar beantwoorden!"  maar daarmee zou ik mijn lieve dochter met een kluitje het riet insturen, dus heb ik gezocht naar een betere verklaring, of toelichting. Velen zouden direct een antwoord klaar hebben in de geest van: "Nou gewoon toch, het is nu donderdag, en dat is dan vandaag!" Waarop mijn dochter de volgende dag in opperste verwarring zou zijn gebracht, als haar moeder dan gezegd zou hebben: "Vandaag is vrijdag." Er rest dus weinig anders om duidelijk maar ook eerlijk te blijven, een ietwat ingewikkelder verhaal af te steken, zonder je eigen lieve kind te ontmoedigen. Ik had erop gevonden, dat we konden zeggen, dat de tijd van het nu,  tussen zonsopgang en zonsondergang in elk geval vandaag genoemd kan worden.
Wat zich nu afspeelt tussen moeder of vader en kind is al niet in alle opzichten eenvoudig, laat staan wanneer we gaan kijken waar precies de vraag rijst bij het jonge meisje. "Ja" zult u waarschijnlijk zeggen, "in haar hoofd, natuurlijk, ergens in het brein, bepaalde gebieden in de hersenen." Nu weten "wij" daar inderdaad iets van, van de plaatsen in de hersenen, waarin zich processen afspelen, die nodig zijn om ten eerste de inhoud van de gestelde vraag bij het meisje een "bewuste ervaring" te laten worden en ook de processen die nodig zijn om de hersenen een antwoord op de vraag te laten vormen. Daarbij moet ook al aan een aantal fundamentele voorwaarden zijn voldaan. De eerste is wel, dat er voor de processen in de hersenen energie  nodig is en de tweede is dan: "Waar komt die energie vandaan?"
Om die energievoorziening tot stand te brengen, stroomt er voortdurend en per tijdseenheid een tamelijk constante hoeveelheid bloed naar de hersenen met brandstof (glucose) en zuurstof. "OK" zult u zeggen," dat is toch helder dan, en wat dan nog?"
Voor een uitputtende verklaring zijn we er eigenlijk nog lang niet. Er vinden verbrandingsprocessen plaats in de hersencellen zelf of in zgn. begeleidende cellen. De vlammen slaan je daarbij niet uit het hoofd, maar er moeten wel hele ketens van reacties plaats vinden om de in de glucose opgeslagen chemische energie trapsgewijs eruit te halen en die in standaardhoeveelheden op te slaan in grote moleculen, die wij kennen als "ATP ". Deze laatste moleculen kunnen dan vervolgens energie afgeven om allerlei reacties in cellen mogelijk te maken, zoals die van opbouwprocessen, of het laten lopen van ontelbare boodschapjes, impulsen genaamd langs ook weer gigantisch veel zenuwcel-uitlopers. Wanneer u hier, net als ikzelf dat gedaan heb, ook nog weer flink wat studie van maakt, zult u zich zonder twijfel zeer verbazen over hoe dit allemaal zo kan blijven verlopen en al denkende over deze dingen het idee van, nou ja dat zijn toch de gewone processen, die zich blijkbaar in de hersenen afspelen, bezig bent los te laten. Wanneer u dan denkt ter verklaring, dat het toch allemaal louter "toevallig" is, zoals het allemaal ontstaan is, is dat dan eigenlijk niet het brevet van onvermogen, om tot een betere verklaring te komen? En dan tevreden gaan zitten kijken en stellen, dat de "evolutie" het allemaal bewerkstelligd heeft, en daarmee af.
Laten we dan maar eerlijk zijn en toegeven, dat we het "gewoon" niet weten.
Wanneer we ons dan nog eens afvragen hoe we dan toch een alledaagse opmerking kunnen maken over "gewone" mensen, dan waag ik de stelling voor mijn rekening te nemen, dat die niet bestaan. Er is eigenlijk maar één conditie die gewoon is en dat is die van de dood. Wij gebruiken niet toevallig het woord "doodgewoon". Aan de dood zijn geen bijzondere randvoorwaarden verbonden om die in stand te houden. Wel geeft het woord aan dat er eigenlijk iets ervoor geleefd heeft, maar verder is er geen enkele conditie nodig om het woord dood duidelijk te laten zijn. Wel is het preciezer om te spreken van "levende" en "niet-levende" materie. Vervolgens blijkt het mogelijk om aan het verschijnsel leven een aantal wezenlijke eigenschappen toe te kennen, die te definiëren en daarmee vast te stellen of iets inderdaad leeft of niet. Het gaat dan om het bestaan uit één of meerdere cellen, het vermogen van die cel(len) om d.m.v. ontvankelijkheid voor prikkels en daarop te kunnen reageren, stofwisseling (opname van voedingsstoffen, verbranding, opbouw van nieuwe stoffen e.d.) groei en ontwikkeling, en last but not least, het vermogen om zich te kunnen voortplanten.
Al met al wil ik maar zeggen, dat zolang wijzelf leven, er eigenlijk per definitie niets is dat werkelijk "gewoon" gevonden zou mogen worden. U kunt natuurlijk zeggen, dat u over al dat ongewone, dat het leven kenmerkt, niet altijd even enthousiast kan zijn, maar het blijft een "bijzondere conditie".

Wordt vervolgd...